FlexiVerb

Dutch Verb

downloaden

to download

takes hebbenstrongregular

Infinitive

downloaden

Past Participle

downloadend

Pres. Participle

downloadend

Imperative

download / downloadt

Simple Tenses

The two base forms — everything else builds from these

Tegenwoordige tijd

Present

ikdownload
jijdownloadt
hij/zij/hetdownloadt
wijdownloaden
julliedownloaden
zijdownloaden

Verleden tijd

Simple Past

ikdownloadde
jijdownloadde
hij/zij/hetdownloadde
wijdownloadden
julliedownloadden
zijdownloadden

Perfect Tenses

Actions completed relative to a point in time

Voltooid tegenwoordige tijd

Perfect

hebben (present) + past participle
ikheb downloadend
jijhebt downloadend
hij/zij/hetheeft downloadend
wijhebben downloadend
julliehebben downloadend
zijhebben downloadend

Voltooid verleden tijd

Pluperfect

hebben (past) + past participle
ikhad downloadend
jijhad downloadend
hij/zij/hethad downloadend
wijhadden downloadend
julliehadden downloadend
zijhadden downloadend

Future Tenses

Events that will or would happen

Toekomende tijd

Future

zullen + infinitive
ikzal downloaden
jijzal downloaden
hij/zij/hetzal downloaden
wijzullen downloaden
julliezullen downloaden
zijzullen downloaden

Voltooid toekomende tijd

Future Perfect

zullen + past participle + hebben
ikzal downloadend hebben
jijzal downloadend hebben
hij/zij/hetzal downloadend hebben
wijzullen downloadend hebben
julliezullen downloadend hebben
zijzullen downloadend hebben

Conditional

Hypothetical and contrary-to-fact situations

Voorwaardelijke wijs

Conditional

zou/zouden + infinitive
ikzou downloaden
jijzou downloaden
hij/zij/hetzou downloaden
wijzouden downloaden
julliezouden downloaden
zijzouden downloaden

Voltooid voorwaardelijke wijs

Conditional Perfect

zou/zouden + past participle + hebben
ikzou downloadend hebben
jijzou downloadend hebben
hij/zij/hetzou downloadend hebben
wijzouden downloadend hebben
julliezouden downloadend hebben
zijzouden downloadend hebben

Progressive

Ongoing actions — using the aan het construction

Tegenwoordige duur

Present Progressive

zijn (present) + aan het + infinitive
ikben aan het downloaden
jijbent aan het downloaden
hij/zij/hetis aan het downloaden
wijzijn aan het downloaden
julliezijn aan het downloaden
zijzijn aan het downloaden

Verleden duur

Past Progressive

zijn (past) + aan het + infinitive
ikwas aan het downloaden
jijwas aan het downloaden
hij/zij/hetwas aan het downloaden
wijwaren aan het downloaden
julliewaren aan het downloaden
zijwaren aan het downloaden
›Formal & Archaic Forms

Subjunctive

Aanvoegende wijs — survives only in fixed literary expressions

Aanvoegende wijs

Subjunctive

bare stem — all persons

Survives only in fixed formal/literary expressions. Not used in everyday Dutch.

Archaic — formal/literary only
ikdownload
jijdownload
hij/zij/hetdownload
wijdownload
julliedownload
zijdownload

Conjugation data: kaikki.org / Wiktionary — CC BY-SA 4.0