Dutch Verb
onderstrepen
to underline, underscore
takes hebbenstrongregular
Infinitive
onderstrepen
Past Participle
onderstrepend
Pres. Participle
onderstrepend
Imperative
onderstreep / onderstreept
Simple Tenses
The two base forms — everything else builds from these
Tegenwoordige tijd
Present
ikonderstreep
jijonderstreept
hij/zij/hetonderstreept
wijonderstrepen
jullieonderstrepen
zijonderstrepen
Verleden tijd
Simple Past
ikonderstreepte
jijonderstreepte
hij/zij/hetonderstreepte
wijonderstreepten
jullieonderstreepten
zijonderstreepten
Perfect Tenses
Actions completed relative to a point in time
Voltooid tegenwoordige tijd
Perfect
hebben (present) + past participleikheb onderstrepend
jijhebt onderstrepend
hij/zij/hetheeft onderstrepend
wijhebben onderstrepend
julliehebben onderstrepend
zijhebben onderstrepend
Voltooid verleden tijd
Pluperfect
hebben (past) + past participleikhad onderstrepend
jijhad onderstrepend
hij/zij/hethad onderstrepend
wijhadden onderstrepend
julliehadden onderstrepend
zijhadden onderstrepend
Future Tenses
Events that will or would happen
Toekomende tijd
Future
zullen + infinitiveikzal onderstrepen
jijzal onderstrepen
hij/zij/hetzal onderstrepen
wijzullen onderstrepen
julliezullen onderstrepen
zijzullen onderstrepen
Voltooid toekomende tijd
Future Perfect
zullen + past participle + hebbenikzal onderstrepend hebben
jijzal onderstrepend hebben
hij/zij/hetzal onderstrepend hebben
wijzullen onderstrepend hebben
julliezullen onderstrepend hebben
zijzullen onderstrepend hebben
Conditional
Hypothetical and contrary-to-fact situations
Voorwaardelijke wijs
Conditional
zou/zouden + infinitiveikzou onderstrepen
jijzou onderstrepen
hij/zij/hetzou onderstrepen
wijzouden onderstrepen
julliezouden onderstrepen
zijzouden onderstrepen
Voltooid voorwaardelijke wijs
Conditional Perfect
zou/zouden + past participle + hebbenikzou onderstrepend hebben
jijzou onderstrepend hebben
hij/zij/hetzou onderstrepend hebben
wijzouden onderstrepend hebben
julliezouden onderstrepend hebben
zijzouden onderstrepend hebben
Progressive
Ongoing actions — using the aan het construction
Tegenwoordige duur
Present Progressive
zijn (present) + aan het + infinitiveikben aan het onderstrepen
jijbent aan het onderstrepen
hij/zij/hetis aan het onderstrepen
wijzijn aan het onderstrepen
julliezijn aan het onderstrepen
zijzijn aan het onderstrepen
Verleden duur
Past Progressive
zijn (past) + aan het + infinitiveikwas aan het onderstrepen
jijwas aan het onderstrepen
hij/zij/hetwas aan het onderstrepen
wijwaren aan het onderstrepen
julliewaren aan het onderstrepen
zijwaren aan het onderstrepen
›Formal & Archaic Forms
Subjunctive
Aanvoegende wijs — survives only in fixed literary expressions
Aanvoegende wijs
Subjunctive
bare stem — all personsSurvives only in fixed formal/literary expressions. Not used in everyday Dutch.
Archaic — formal/literary onlyikonderstrep
jijonderstrep
hij/zij/hetonderstrep
wijonderstrep
jullieonderstrep
zijonderstrep
Conjugation data: kaikki.org / Wiktionary — CC BY-SA 4.0