Dutch Verb
tomen
to briddle · to rein in
takes hebbenstrongregular
Infinitive
tomen
Past Participle
tomend
Pres. Participle
tomend
Imperative
toom / toomt
Simple Tenses
The two base forms — everything else builds from these
Tegenwoordige tijd
Present
iktoom
jijtoomt
hij/zij/hettoomt
wijtomen
jullietomen
zijtomen
Verleden tijd
Simple Past
iktoomde
jijtoomde
hij/zij/hettoomde
wijtoomden
jullietoomden
zijtoomden
Perfect Tenses
Actions completed relative to a point in time
Voltooid tegenwoordige tijd
Perfect
hebben (present) + past participleikheb tomend
jijhebt tomend
hij/zij/hetheeft tomend
wijhebben tomend
julliehebben tomend
zijhebben tomend
Voltooid verleden tijd
Pluperfect
hebben (past) + past participleikhad tomend
jijhad tomend
hij/zij/hethad tomend
wijhadden tomend
julliehadden tomend
zijhadden tomend
Future Tenses
Events that will or would happen
Toekomende tijd
Future
zullen + infinitiveikzal tomen
jijzal tomen
hij/zij/hetzal tomen
wijzullen tomen
julliezullen tomen
zijzullen tomen
Voltooid toekomende tijd
Future Perfect
zullen + past participle + hebbenikzal tomend hebben
jijzal tomend hebben
hij/zij/hetzal tomend hebben
wijzullen tomend hebben
julliezullen tomend hebben
zijzullen tomend hebben
Conditional
Hypothetical and contrary-to-fact situations
Voorwaardelijke wijs
Conditional
zou/zouden + infinitiveikzou tomen
jijzou tomen
hij/zij/hetzou tomen
wijzouden tomen
julliezouden tomen
zijzouden tomen
Voltooid voorwaardelijke wijs
Conditional Perfect
zou/zouden + past participle + hebbenikzou tomend hebben
jijzou tomend hebben
hij/zij/hetzou tomend hebben
wijzouden tomend hebben
julliezouden tomend hebben
zijzouden tomend hebben
Progressive
Ongoing actions — using the aan het construction
Tegenwoordige duur
Present Progressive
zijn (present) + aan het + infinitiveikben aan het tomen
jijbent aan het tomen
hij/zij/hetis aan het tomen
wijzijn aan het tomen
julliezijn aan het tomen
zijzijn aan het tomen
Verleden duur
Past Progressive
zijn (past) + aan het + infinitiveikwas aan het tomen
jijwas aan het tomen
hij/zij/hetwas aan het tomen
wijwaren aan het tomen
julliewaren aan het tomen
zijwaren aan het tomen
›Formal & Archaic Forms
Subjunctive
Aanvoegende wijs — survives only in fixed literary expressions
Aanvoegende wijs
Subjunctive
bare stem — all personsSurvives only in fixed formal/literary expressions. Not used in everyday Dutch.
Archaic — formal/literary onlyiktom
jijtom
hij/zij/hettom
wijtom
jullietom
zijtom
Conjugation data: kaikki.org / Wiktionary — CC BY-SA 4.0